Focusgroep Goed Gebruik Geneesmiddelen - COPD-patiënten

ggg-copd
12 maart 2019
De afgelopen maanden werd een pilootproject Goed Gebruik Geneesmiddelen voor COPD-patiënten opgestart in en rondom Leuven in het kader van Zorgzaam Leuven.

16 apotheken namen deel aan het pilootproject, ondersteund door drie masterstudenten Farmaceutische Wetenschappen. 

Goed Gebruik Geneesmiddelen - COPD

Het GGG-gesprek heeft als doel om samen met de patiënt te achterhalen welke problemen zich voordoen bij hun behandeling van COPD en hoe de patiënt deze problemen kan voorkomen en aanpakken in de toekomst. Het begeleidingsgesprek bestaat uit twee gesprekken: een oriënteringsgesprek en een opvolggesprek. In het eerste gesprek evalueert de apotheker de houding en kennis van de patiënt over zijn ziekte en medicamenteuze behandeling. In functie hiervan komen onderwerpen zoals algemene informatie over COPD, alles over de medicatie van de patiënt (doel, werking, dosis, frequentie, techniek) aan bod en benadrukt de apotheker het belang van therapietrouw. Ook rookstop, fysieke activiteit en het zelf managen van COPD komen aan bod. Het opvolggesprek vindt ongeveer zes weken later plaats. Dit gesprek heeft als voornaamste doel de afgelopen zes weken te bevragen en te evalueren. Er wordt dan extra uitleg gegeven bij de moeilijkheden die de patiënt nog ondervindt.  


Pilootproject

Om het project zo optimaal mogelijk te laten verlopen, werd er vooraf een interactieve opleiding gegeven door de masterstudenten met o.a. een tabakoloog die de problematiek rond rookstop extra kon toelichten. Ook alle verschillende puffers werden gedemonstreerd met nadruk op hun voornaamste fouten. Zo werd de kennis van COPD bij de apothekers opgefrist om met een goede basis te kunnen starten aan de begeleidingsgesprekken. Tenslotte werd ook de interdisciplinaire samenwerking en het belang hiervan verduidelijkt. 
Aan de hand van een protocol werd dan een oriënteringsgesprek en een opvolggesprek met de patiënt in de apotheken gevoerd. Daarnaast werden ook nog een aantal vragenlijsten aan de patiënt voorgelegd om een aantal belangrijke parameters voor en na het gesprek te kunnen vergelijken. 


Eerste resultaten

Ondertussen werden de eerste resultaten van 21 patiënten omtrent het oriënteringsgesprek verzameld. De belangrijkste bevindingen situeren zich op het vlak van inhalatietechniek en therapietrouw. De inhalatietechniek van de patiënt werd bestudeerd aan de hand van een afvinklijst. Daarbij maakten 10 van 21 patiënten minstens 1 fout (45,45%). Daarnaast werd ook de therapietrouw van de patiënt bestudeerd. Voor iedere inhalator die de patiënt gebruikt, werd een TAI-test ingevuld. De theoretische score varieert van 10 (niet therapietrouw) tot 50 (volledig therapietrouw). Een score lager dan 45 beschouwt men als slechte therapietrouw. De gemiddelde TAI-score van alle patiënten bedraagt 48,53. Slechts twee patiënten hadden een score lager dan 45 (9,52%). 

Daarnaast werd ook gepeild naar de impact van COPD op het dagelijkse leven (SGRQ-test), de respiratoire symptomen (CAT-test) en de mate van kortademigheid (mMRC-test). De theoretische SGRQ-score varieert van 0 tot 100 en hoe hoger de score hoe meer COPD een negatieve invloed heeft op het dagenlijs functioneren. De gemiddelde SGRQ-score voor het begeleidingsgesprek bedraagt 43,31. De drempelwaarde van de SGRQ-score bij COPD-patiënten is 25. Scores hoger dan 25 worden aanzien als waarden die gebruikelijk zijn bij COPD-patiënten. Het percentage patiënten met een SGRQ-score hoger of gelijk aan 25 bedraagt 71,43%. De gemiddelde CAT-score voor het begeleidingsgesprek bedraagt 17,90. Bij de COPD Assessment Test wordt de drempel voor de CAT-score bij COPD-patiënten op 10 gelegd. Dit betekent dat patiënten met een score hoger dan 10 een grote impact ondervinden van de symptomen. Het aantal patiënten met een CAT-score hoger of gelijk aan 10 bedraagt 17 patiënten. Dit betekent 80,95% van het totale aantal geïncludeerde patiënten. Tenslotte werd ook de mMRC-score berekend als laatste uitkomstmaat. De gemiddelde mMRC-score bedraagt 2,86. Een mMRC score hoger of gelijk aan twee wordt geassocieerd met een grote mate van kortademigheid. Het aantal patiënten met een mMRC-score hoger of gelijk aan twee bedraagt 76,19%, namelijk 16 van de 21 patiënten. 
Bij de behandeling van COPD spelen ook niet-farmacologische behandelingen een centrale rol. De motivatie tot rookstop werd nagegaan evenals de kennis over pulmonaire rehabilitatie en zelfmanagement. 


Toekomst

Uit de focusgroep met de deelnemende apothekers werd bevonden dat de patiënten over het algemeen een GGG COPD goed ervaarden. De apothekers waren tevreden over de begeleidende documenten en de ondersteuning tijdens het project. Het opgestelde protocol werd tijdens het gesprek langs hen gelegd, waardoor ze het gesprek gestructureerd konden uitvoeren. Het eerste gesprek duurde gemiddeld een half uur, en de meeste apothekers hebben op afspraak gewerkt. Het tweede gesprek was dan ook veel korter, waardoor dit maximum een kwartier duurde. De apothekers beseffen dat de farmaceutische zorg belangrijk is, zeker naar de toekomst toe. Ze beseffen zeker het belang en het nut van zulke begeleidingsgesprekken, maar dan is er extra omkadering nodig: denk maar aan extra personeel wegens tijdsgebrek, en een vergoeding. Een ander knelpunt is de motivatie van de patiënten, mede omdat ze niet gekend zijn met hun diagnose COPD. Dit zou verbeterd kunnen worden aan de hand van een betere samenwerking met de huisarts. Hierop moet ook zeker gefocust worden in de toekomst. Multidisciplinaire samenwerking staat centraal in het zorgprogramma van COPD dat begin oktober 2018 werd gelanceerd door Zorgzaam Leuven. Men werkt momenteel aan de opstart van pilootprojecten rond dit zorgprogramma


Resultaten samengevat

Sterke punten:

  • Tevredenheid patiënt en apotheker
  • Evolutie in gebruik van de puffer en therapietrouw
  • Duidelijk protocol om mee te werken 
  • Versterken van de vertrouwensband 

Verbeterpunten:

  • Tijd, meer personeel indien goed uitvoeren van een GGG 
  • Vergoeding
  • Moeilijkheden in verband met motivatie patiënt tot deelname; mede mits onwetendheid van diagnose COPD 

Graag meer informatie? Contacteer het BAF-secretariaat.

Bel naar 016 23 88 19 of mail naar info@baf.be

Elke werkdag van 9.00 uur tot 12.30 uur en van 13.30 uur tot 17.00 uur.